Edufinity verzorgt weer de opleiding Intern begeleiden als kwaliteitscoördinator

Het Nederlandse onderwijssysteem kan beter

S.T. Visser
bij  

Visser, S.T. (2026). Opinie: Het Nederlandse onderwijssysteem door de ogen van iemand die is uitgevallen.
Geraadpleegd op 15-08-2026,
van https://wij-leren.nl/opinie-nederlandse-onderwijssysteem-kan-beter.php/
Geplaatst op 28 februari 2026
Laatst bewerkt op 16 maart 2026
Onderwijssysteem

Het Nederlandse onderwijssysteem door de ogen van iemand die is uitgevallen

Het aantal thuiszitters was naar schatting in 2024 minimaal 70.000.[1] Naast de groep die thuis zit, bestaat er nog een groep die wel ingeschreven staat bij een school, maar niet daadwerkelijk naar school gaat. Als iemand die sinds 2022 weinig of niet naar school is gegaan, heb ik een eigen visie gevormd over het onderwijs, en hoe dat verbeterd kan worden.

Mijn verhaal

Als eerste zal ik kort mijn verhaal beschrijven, zodat mijn referentiekader wat duidelijker wordt. Ik werd in eerste instantie ‘thuiszitter’ in 4 vwo door lichamelijke redenen. Ik trok het door rugklachten, met uitstralingspijn, niet om de hele dag, vijf dagen in de week, op een stoel te zitten. Met voldoende pijnstilling lukte het me om naar school te gaan, totdat ik langzamerhand steeds vermoeider raakte, en naar school gaan niet meer haalbaar was. Uiteindelijk ben ik op de vavo (voortgezet algemeen volwassenenonderwijs) terechtgekomen, waar ik dit jaar mijn diploma zal behalen.

Sneller ingrijpen

Het eerste probleem waar ik tegenaan liep, en dat ik me later pas realiseerde, was dat er onvoldoende en te laat werd ingegrepen bij mij. Volgens mijn mentor, op de middelbare school, ging het prima, en moest ik zelf aan de bel trekken als het niet ging. Dit werd gezegd terwijl mijn ouders en ik tijdens het mentorgesprek al aan de bel trokken, omdat ik wegens lichamelijke redenen het simpelweg niet trok om vijf dagen in de week de hele dag op school te zitten. Aan het mentorgesprek ging al dagen aan verzuim vooraf, waaronder in de voorafgaande twee schooljaren. In de jaren waar ik al veel verzuimde heeft nooit iemand gebeld om te vragen wat er speelde, en kwamen er pas veel later multidisciplinaire overleggen (MDO’s) op gang. Overigens ben ik er later achter gekomen dat mijn school toentertijd niet juist, via het protocol, heeft gehandeld. Als ik verhalen van andere thuiszitters hoor en lees, dan zie ik dat ik niet de enige ben. Er is een kloof tussen het beleid en de uitvoering ervan. Ik denk dat dit onderdeel is van de reden waarom leerlingen uiteindelijk helemaal uitvallen. Als er al veel eerder ondersteuning in gang was gezet, dan had het mogelijk niet tot volledige uitval hoeven komen. Voor mij had een plek om tussendoor te kunnen liggen, wegens mijn rugklachten, al zeker een beetje geholpen. Op de middelbare school liggen de contacten met de docenten en mentoren verder dan op de basisschool. Juist hierdoor is het extra belangrijk dat er een goed contactpersoon is voor de leerling, zodat op tijd duidelijk wordt dat er iets speelt en er op tijd hulp bij gehaald kan worden.

"Volgens mijn mentor ging het prima. Terwijl wij al aan de bel trokken."

Leerplicht, geen schoolplicht

Goed contact, en op tijd ingrijpen is echter niet voldoende naar mijn mening. Naar mijn idee ligt in Nederland onze focus op de verkeerde plek. Toen ik lichamelijk gezien niet bij kon blijven met school, en mijn middelbare school mij doorverwees naar het speciaal onderwijs, kwam ik erachter dat er vrijwel geen alternatieven zijn voor leerlingen die lichamelijk niet naar school kunnen, maar op cognitief vlak prima bij kunnen blijven. De verschillende scholen sloten niet aan bij mijn problematiek, en hadden zelfs een aanwezigheidsplicht. Daarbij was er op de school die wél leek aan te sluiten geen plek, wegens een wachtlijst. De twee opties die overbleven: volledig naar school gaan, of thuiszitten.

Ik raakte gefrustreerd. Tijdens de coronacrisis had ik immers gezien dat er een derde mogelijkheid was, namelijk thuisonderwijs. Dat zou perfect zijn in mijn situatie, ik kon niet de hele dag op een stoel zitten, en had behoefte aan de mogelijkheid om te kunnen werken op mijn eigen tempo, zodat ik kon liggen tussendoor, maar niet hoefde te stoppen met leren en mijn diploma kon halen. Echter was (online) thuisonderwijs geen mogelijkheid, aangezien het dan zelf bekostigd moest worden.

Langzamerhand begon ik me te beseffen dat wij in Nederland een onjuiste blik hebben op het onderwijs. Men moet naar school, want er moet geleerd worden, aangezien we een leerplicht hebben. Maar waarom, als het mij niet lukt om fysiek in de klas te zitten, zijn er weinig tot geen (passende) alternatieven voor leerlingen zoals ik? Naar mijn mening is dat geen leerplicht, maar een schoolplicht. Volgens mij is dit de reden waarom zo veel kinderen en jongeren uitvallen. Niet omdat zij niet willen leren, niet omdat zij niet kunnen leren, maar omdat er geen passende omgeving is waar zij de mogelijkheid krijgen om zich binnen hun kunnen te ontwikkelen. Elk kind heeft recht op onderwijs, ook degenen die niet naar school kunnen.

"Tussen volledig aanwezig zijn en volledig thuiszitten lijkt geen middenweg te bestaan."

Leren, niet toetsen

Een ander probleem waar ik tegenaan liep, was de hoeveelheid toetsen. Een leerling ontvangt zo’n 102 cijfers per jaar.[2] Dat vind ik te veel. Aan het begin van het schooljaar lukte het me om de toetsen en projecten bij te houden en ze te maken. Naarmate mijn lichamelijke klachten erger werden, was de hoeveelheid toetsen en opdrachten die ik moest maken niet meer bij te houden. Niet alleen langdurig of chronisch zieke leerlingen lopen hier tegenaan; je hoeft maar één week, of een paar dagen, ziek te zijn, en het aantal toetsen dat je mist en moet inhalen stapelt zich op boven op de aankomende toetsen. Et voilà, een achterstand is gecreëerd.

Al eerder had ik me geërgerd aan de toetsen, en hoe de docenten zelf gestrest leken door alle toetsmomenten waarop ze ons moesten voorbereiden. Het was ook niet geheel ongewoon dat een klasgenoot om extra uitleg of verdieping vroeg, waarna het antwoord daarop was dat we daar geen tijd voor hadden, omdat we ons moesten voorbereiden op de toets. Hiermee gaat de inhoud van het vak verloren. De passie en enthousiasme die docenten voor hun vak hebben wordt minder overgedragen, omdat het een tweede plek krijgt, achter de cijfers. Onderwerpen werden kort besproken, geen diepgang, geen ruimte voor extra uitleg of extra stof.

Ik heb het geluk dat ik heb gezien hoe het ook kan. Op de vavo zijn er aanzienlijk minder toetsen, gemiddeld drie of vier naast het centraal schriftelijk examen. Ondanks dat het aantal stof dat behandeld wordt per toets veel meer is, heb ik eindelijk het gevoel dat ik daadwerkelijk wat leer. Je krijgt een langere periode om te experimenteren met de lesstof, en om fouten te maken, die niet gelijk worden afgestraft met een onvoldoende. De docenten ogen in mijn optiek ook relaxter. Ik ben de meest gepassioneerde vakmensen tegengekomen, waardoor het enthousiasme ook overslaat naar de leerlingen. Wel moet ik zeggen dat de ruimte voor extra diepgang er niet altijd is, omdat de eindexamens in mei zijn, en de gehele bovenbouw in één leerjaar behandeld moet worden.

Toch kun je hieruit wel stellen dat het gehele schoolsysteem baat zou hebben bij minder toetsen. Leerlingen leren dan niet meer van toets naar toets, waarbij informatie in het  kortetermijngeheugen wordt opgeslagen, maar krijgen de ruimte en tijd om buiten de syllabus hun kennis te verbreden op langere termijn. Zeker bij taalvakken, waar elke week of om de week een woordjestoets niet ongewoon is, zou het goed zijn om leerlingen eens uit te dagen om op organische wijze hun woordenschat te verbreden. Minder toetsen zou leerlingen de tijd geven om een boek in het Frans te lezen, of om een serie in het Duits te kijken. Wellicht komen zij erachter wat voor mooie talen het zijn, en groeit hun liefde voor het vak.

"Wanneer cijfers leidend worden, raakt de inhoud op de achtergrond."

Eigen niveau

Iets anders waar ik tegenaan liep toen ik niet meer naar school kon, was het contrast tussen de vakken. Met wiskunde was ik achter gaan lopen, maar met andere vakken zoals geschiedenis was ik bij. Ik kreeg de mogelijkheid om op mijn middelbare school te blijven, maar dan zou ik moeten blijven zitten in 4 vwo, aangezien ik te veel toetsen had gemist. Gelijk wist ik dat blijven zitten geen optie was. Dat zou betekenen dat ik nog een keer hetzelfde materiaal moest behandelen, terwijl het mij redelijk goed was gelukt om ondanks alle omstandigheden bij te blijven. De angst dat ik mij zou gaan vervelen en geheel zou uitvallen en verzuimen was groot. De vraag of ik met bepaalde vakken door kon stromen naar 5 vwo, terwijl ik de vakken die mij lastiger afgingen op 4 vwo-niveau mocht volbrengen, werd afgewezen. Er werd mij verteld dat er datzelfde jaar een leerling was, die voor vrijwel alle vakken een hoog cijfer stond, maar toch moest blijven zitten wegens een onvoldoende voor wiskunde. Mij stond daarom ook niets anders te wachten dan te blijven zitten. Het verhaal van die leerling heeft mij doen nadenken. Hoezo was er niet een mogelijkheid om door te stromen naar het volgende leerjaar, op wiskunde na? Waarom was het niet mogelijk om wiskunde voort te zetten op de havo, terwijl de rest op vwo werd gedaan? Ik vroeg me dan ook af hoe het deze leerling zou lukken om motivatie te houden. Ik begrijp dat als mensen hun eigen trajecten gaan volgen dat moeilijk zou zijn in verband met de roostermakers, maar als iedereen zijn eigen traject zou afstemmen op zijn kwaliteiten, dan zou dat toch ook nieuwe deuren moeten openen? Verschillende vakkenpakketten zijn al mogelijk, wanneer zullen verschillende niveaus volgen?

Nogmaals ben ik dankbaar dat ik op de vavo terecht ben gekomen. Ik volg een traject, waar ik per vak kan afstellen of ik het op havo- of vwo-niveau ga afronden. Dit is ideaal, aangezien ik altijd al moeite heb gehad met rekenen en wiskunde, maar extra uitdaging zocht bij maatschappij gerelateerde vakken. Ik weet zeker dat iedereen baat zou hebben bij de mogelijkheid om per vak het schoolniveau te kiezen. Niet ieder mens kan goed zijn in elk vak. Maatwerk zou verveling, en het op de tenen moeten lopen voorkomen. In het buitenland is het combineren van niveaus al mogelijk. Ik denk dat het tijd is om te gaan experimenteren met de mogelijkheden in ons land.

Maatwerk vraagt ook om vernieuwing die buiten het middelbaar onderwijs gaat. Vervolgopleidingen zullen hun toelatingseisen moeten aanpassen. Iets waar ik tegenaan loop, is dat ik met de mengelmoes aan vakken met de bijbehorende niveaus niet naar de universiteit kan. Dit is iets wat ik van tevoren al wist, maar wat ik toch jammer vind, aangezien ik denk dat de werkwijze van de universiteit het beste bij mij zou passen. Er moet verder worden gekeken dan niveaus. Mensen zijn zo veel meer dan hun schooldiploma. Er zijn mensen met een vwo-diploma die beter op het hbo of mbo passen, en er zijn mensen die beter passen op de universiteit ondanks dat ze geen vwo-diploma hebben behaald.

"Per vak een passend niveau voorkomt verveling en overbelasting."

Kanttekening

Dit is mijn blik op het huidige schoolsysteem, gefocust op de ervaring van kinderen en jongeren die thuis komen te zitten door lichamelijke redenen. Ik ben me ervan bewust dat er nog meer problemen, goede kanten en alternatieven voor regulier onderwijs zijn, maar ik heb ervoor gekozen om die nu niet te belichten.

Literatuurlijst

Thuiszitters tellen - Balans. (2025, 22 april). Balans. Geraadpleegd op 13 januari 2026, via: https://balansdigitaal.nl/thuiszitters-tellen

Visser, J. (2023, 7 november). Een Nederlandse scholier krijgt gemiddeld 102 cijfers per schooljaar. De Correspondent. Geraadpleegd op 21 januari 2026, via: https://decorrespondent.nl/14932/een-nederlandse-scholier-krijgt-gemiddeld-102-cijfers-per-schooljaar/90da944e-1fec-035a-34db-514ee6e5ea63


 

[1] Thuiszitters tellen - Balans. (2025, 22 april). Balans. Geraadpleegd op 13 januari 2026, via https://balansdigitaal.nl/thuiszitters-tellen

 

[2] Visser, J. (2023, 7 november). Een Nederlandse scholier krijgt gemiddeld 102 cijfers per schooljaar. De Correspondent. Geraadpleegd op 21 januari 2026, via https://decorrespondent.nl/14932/een-nederlandse-scholier-krijgt-gemiddeld-102-cijfers-per-schooljaar/90da944e-1fec-035a-34db-514ee6e5ea63

Heb je vragen over dit thema? Stel ze in de onderwijs community binnen de Wij-leren.nl Academie!

Dossiers

Uw onderwijskundige kennis blijft op peil door 4000+ artikelen.